Geld lenen van of aan de eigen BV

 

Minder makkelijk dan bij een eenmanszaak

Geld lenen van of aan de eigen BV is altijd mogelijk. Maar er moet wel goed naar gekeken worden om problemen met de Belastingdienst te voorkomen. Terwijl dit bij een eenmanszaak of V.O.F. veel makkelijker is. Daar kun je eigenlijk heen en weer boeken wat je wilt, zonder dat je al te veel hoeft te letten op regels of de Belastingdienst. Bij een BV ligt dit wel anders. Hier moet wel goed gekeken worden naar de manier waarop geleend wordt en vrijwel altijd is het nodig om een leningovereenkomst op te stellen tussen u en uw BV. 

Ook volgens het ondernemingsrecht is een aandeelhouder in principe verplicht om alle handelingen tussen hemzelf en de BV schriftelijk vast te leggen. Bij incidentele, kleine, transacties hoeft dat natuurlijk dan niet, maar in alle andere gevallen dus wel.

 

U en uw BV zijn twee verschillende partijen

Eenvoudig gesteld: Als u een eenmanszaak hebt, worden u en uw eenmanszaak, juridisch en fiscaal gezien als dezelfde belastingplichtige. Als u echter een BV hebt, bent u echter beiden aparte partijen. Uw BV is een partij, waar u 'toevallig' ook namens tekent. U bent in dienst bij uw BV, dus werknemer of 'bestuurder' (statutair directeur). De functie van bestuurder is in het Burgerlijk Wetboek geregeld en hier horen ook weer bijzondere verantwoordelijkheden bij. Tenslotte bent u ook nog aandeelhouder van uw BV. Dus ook al bent u de enige aandeelhouder, u wordt toch gezien als twee verschillende partijen.

 

Er moet 'zakelijk' gehandeld worden

Zoals hierboven toegelicht, worden u en uw BV door de Belastingdienst gezien als twee verschillende partijen. Daarom is het ook verplicht om zakelijk met elkaar te handelen zoals twee aparte partijen zouden handelen. Als u een behoorlijk bedrag uitleent aan een derde, zult u vrijwel altijd een overeenkomst maken. En rekent u ook een normale rente. En bij veel risico een hogere rente. U matst de ander niet en u wordt ook niet gematst. Vergelijk ook met een bank. Als deze bij de lening een verpanding of hypotheekrecht wil, is het vreemd als u bij die lening geen zekerheden zou willen. En als een bank 10% rente zou rekenen, kunt u moeilijk uitlenen tegen 3%. Dus in alle opzichten is het zaak dat de lening op een 'zakelijke' wijze wordt opgezet. Een goed opgestelde overeenkomst is daarom nodig.

 

Wat als er geen overeenkomst is?

Als er geen leningovereenkomst is, geeft u eigenlijk de Belastingdienst vrij spel om te bepalen wat de transacties tussen u en uw BV zijn. Dus de uitlening aan u was geen lening aan u maar een dividenduitkering, de lening aan de BV geen lening maar een kapitaalstorting, geen rente van 6% maar een rente van 9%. Dit kan dus heel nadelig uitpakken voor u en kan sowieso leiden tot correctieaangiften en boetes daarop. Problemen die relatief eenvoudig voorkomen kunnen worden door een goede overeenkomst op te stellen.

 

Hoe wordt de rente meegenomen in de belasting?

Als voldaan wordt aan de eisen van de Belastingdienst, dus er wordt zakelijk gehandeld, dan wordt de rente als volgt verwerkt in de administratie en de aangiften. De door de BV te betalen rente aan u, is aftrekbaar in de BV voor de vennootschapsbelasting. De door u ontvangen rente is belast in Box 1 (TBS-regeling). Als u geld geleend hebt in privé en dit doorgeleend aan de BV, is de rente die u moet betalen weer aftrekbaar als kosten in Box 1. 

Als u geld leent van de BV, betaalt u rente aan de BV (of deze wordt bijgeteld bij de schuld). Die rente is een opbrengst in de BV waarover eventueel vennootschapsbelasting wordt betaald. Voor u is deze rente niet aftrekbaar. Uw schuld valt ook in Box 3. 

 

Meestal een rekening-courant overeenkomst 

Meestal is er sprake van een wisselende leningstand. U betaalt soms wat terug en later leent u weer wat. Dit kan zowel bij lenen van als bij lenen aan de BV zijn. Dit wordt een 'rekening-courant' genoemd. Ook de Belastingdienst spreekt meestal over de 'rekening-courant verhouding' met uw BV, bijv. bij toetsing van het DGA inkomen. In de administratie boeken we bijv. sommige posten zoals privé uitgaven 'in rekening-courant'. Het rekening-courant saldo kan dus zowel een tegoed als een schuld zijn. Een rekening-courant geeft dus flexibiliteit, terwijl bijv. een lening voor aankoop van een pand als vaste (hypotheek)lening wordt opgezet. 

 

Bij verlies volledig aftrekbaar

Als het slechter gaat met uw bedrijf, kan het zijn dat de BV de lening niet meer kan terugbetalen. U moet de lening afschrijven. Mits de lening aan uw BV dus goed -zakelijk- is opgezet, is dit verlies dan ook aftrekbaar in Box 1. Als de lening niet goed is opgezet, kan de Belastingdienst stellen dat deze niet of slechts gedeeltelijk aftrekbaar is.

 

Geen geld lenen als u onder het minimum DGA-salaris zit

U kunt uzelf als directeur-grootaandeelhouder minder salaris uitkeren dan het minimum vereist. Dit kan in bepaalde situaties maar simpel gesteld bijvoorbeeld als de winst in een jaar niet hoog genoeg is om uzelf het normale minimumsalaris te betalen. U kunt dan echter niet extra geld lenen van de zaak via bijvoorbeeld de rekening-courant . De belangrijkste voorwaarde voor een lager salaris is namelijk dat u niet tegelijk ook extra leent uit de zaak. Want als de BV u wel geld kan uitlenen, kan de BV u ook extra salaris betalen. Dus uw rekening-courant schuld aan de BV mag dat jaar niet hoger worden, behalve wellicht door de bijgeboekte rente.